![]() |
|
|
|
||||
|
6. BEENVLIESONTSTEKING / SHIN-SPLINTS / T.S.S.TerminologieBeenvliesonsteking, in sommige oudere literatuur ook nog wel shin-splints genoemd, is een blessure die veel sporters parten speelt. Soms zelfs dusdanig sterk dat het sporten voor een lange periode onmogelijk of slechts zeer beperkt en dan ook vaak nog met veel met pijn mogelijk is. Medisch gezien is het gebruik van het woord ontsteking hier juist, omdat we bijna alle verschijnselen zien die we bij een -bacteriële- ontsteking ook tegen komen. Daar is hier echter geen sprake van. Er is sprake van een overbelastingsreactie van spieren en de aanhechting van die spieren op het scheenbeen. Het gaat bij de beenvliesontsteking dus om een niet bacteriële, maar om een steriele ontsteking. Shin-splints is een oude benaming, die eigelijk als een soort vergaarbak diende voor verschillende klachten aan het onderbeen, en beenvliesonsteking, zo hebben we net al gezien, is ook een vlag die de lading niet helemaal dekt. De meest wetenschappelijke naam is Tibiaal Stress Syndroom - T.S.S. De naam verwijst het best naar de aard van de blessure en de lokalisatie ervan. LokalisatieHet woord tibiaal verwijst naar tibia, de Latijnse benaming voor het scheenbeen. Maar ook naar de scheenbeenspier de musculus tibialis.
Van deze scheenbeenspier hebben we er twee, één aan de voorzijde van het scheenbeen, de musculus tibialis anterior, en één aan de achterzijde, de musculus tibialis posterior. (Zie fig.1). BlessuremechanismeDe blessure ontstaat met name bij (hard)lopers en bij mensen met een hoge sprongbelasting. Om goed te begrijpen hoe de blessure ontstaat moeten we een stukje anatomie bekijken. Zie hiervoor ook de bijgevoede figuur. De achterste scheenbeenspier zit aan de achterzijde van het scheenbeen én aan het kuitbeen vast, loopt dan aan de binnenkant onder de enkel door en loopt door naar één van de voetwortelbeentjes.
Met name het moment van de landing bij springen en (hard)lopen is dus het meest belastende moment. PreventieMet deze kennis kunnen we ook begrijpen wat we in de preventieve sfeer kunnen doen. In de eerste plaats is de ondergrond waarop de landing plaats vindt van belang; hoe harder, hoe meer belastend. Logisch vervolg is dan de schokdemping van de schoen. Je zou kunnen zeggen: hoe meer schokdemping hoe beter. Alleen zijn er bij een schoen nog een aantal facetten van belang. Over het algemeen gaat een verhoogde schokdemping ten koste van de (zijwaartse) stabiliteit. Het is dus van belang daar een goed evenwicht in te vinden. Last but not least natuurlijk de voet zelf. Belangrijk is om te bekijken of de voet neigt tot pronatie, en in welke mate. Afhankelijk daarvan kun je dan een schoen kiezen, of een aanpassing in de schoen maken, die dit corrigeert. Verder is het van belang om op signalen van het lichaam te letten. LichaamssignalenZoals ik vorige maand in het artikel over RSI al beschreef kunnen we bij het Tibiaal Stress Syndroom, wat eigenlijk een RSI is, ook drie fasen herkennen. Wat te doen bij klachtenBehandeling van de klachten begint eigenlijk al bij de preventieve maatregelen. Besteed daar dus aandacht -en geld- aan. Investeer in een goede voorbereiding en schoeisel. Fase 1: Wanneer de klachten zich beginnen aan te dienen is het eerste instantie zaak om alert te zijn op de lichaamssignalen. Verder is het van belang om te zelf na te gaan of er een oorzaak kan liggen in schoeisel, training(smethodiek), trainingsfrequentie, of een wijziging daarin. Aanpassen van de trainingsbelasting, zowel in intensiteit, duur als frequentie zijn van belang, en zijn in deze fase vaak al voldoende om de blessure de baas te blijven. Fase 2 en 3: In deze fase(n) is er over het algemeen geen ontkomen meer aan om naast de bij fase 1 beschreven mogelijkheden ook een behandeling bij een goede sportfysiotherapeut te ondergaan. Therapeutisch zijn er verschillende mogelijkheden, maar het zal altijd een combinatie van zowel passieve als actieve therapievormen zijn. Helaas leert de praktijk dat wanneer je eenmaal een "goed ontwikkeld" Tibiaal Stress Syndroom hebt gehad, je gevoeliger bent voor het hernieuwd optreden ervan. Goed opletten en het blijvend volhouden van een extra goede warming-up en cooling-down zijn over het algemeen voldoende om het beheersbaar te houden. Zeker met het mooie weer en activiteiten als Batavierenrace en Lauwersloop op komst is het zaak om bovenstaande in de gaten te houden, en zoals zo vaak is ook hier de moraal dat voorkomen beter is dan genezen. Veel blessurevrij sportplezier gewenst en indien nodig staan we, zoals altijd, voor je klaar.
|
||||
|
Sportcentrum Rijksuniversiteit Groningen, Afdeling Fysiotherapie, Blauwborgje 4, 9747 AC Groningen Telefoon: 050 - 571 02 02 / 06 - 222 684 30 Fax: 020 - 87 5678 1 E-mail: fysiotherapie@hotmail.com Internet: www.fly.to/fysio |